Wat zijn je rechten en plichten als je geld wil lenen?


Er is een wettelijke regeling die per 1 januari 1992 is vastgelegd in de Wet op het Consumentenkrediet. Die regeling geldt voor alle leningen en andere kredietvormen tot en met € 50.000,-. Op hogere leningen is deze wet dus niet van toepassing, evenmin als op leningen met een looptijd korter dan drie maanden. Zo’n kortlopende lening is bijvoorbeeld een salaris ofwel Girokwartaalkrediet, waarbij je tot drie maanden rood mag staan op je betaalrekening. Hypothecaire leningen, leningen met effecten als onderpand en beleningen bij pandhuizen vallen er niet onder. Leningen bij familie, vrienden, werkgever en sociale fondsen vallen er ook niet onder zolang de gevraagde rente lager is dan de huidige wettelijke rente van 11 procent en er geen sprake is van een openbaar aanbod waar iedereen gebruik van kan maken.

De nieuwe wet regelt onder meer het kopen op afbetaling, huurkoop, het afsluiten van persoonlijke lening en doorlopend krediet, kredieten bij gebruik van een plastic kaart (creditcard, winkelpas en dergelijke) en andere manieren van lenen. Zowel banken als financieringsmaatschappijen, postorderbedrijven, gemeentelijke kredietbanken en kredietbemidelaars vallen onder de Wet op het Consumentenkrediet. Banken en financieringsmaatschappijen mogen alleen kredieten verstrekken als zij een vergunning hebben. In de wet is het maximum rentepercentage vastgesteld dat geldverstrekkers mogen rekenen bij een lening die onder deze wet valt. De hoogte van de rente is onder meer afhankelijk van de rentestand, de hoogte van het geleende bedrag, het soort krediet en de duur van de looptijd. Het maximaal toegestane rentepercentage varieert tussen de 29,1 procent voor kleine bedragen met een korte looptijd tot 14,7 procent voor bedragen tot en met € 50.000,- met een looptijd van meer dan vijf jaar. Let wel: dit zijn maximum percentages over 1992, het is dus goed mogelijk dat er geldverstrekkers zijn die een lagere rente berekenen! De Wet heeft ook spelregels vastgesteld voor het berekenen van een boete bij vervroegd aflossen.