Opties?


Bij beleggen in opties is een waarschuwing op zijn plaats. U kunt er veel geld mee verdienen en tegelijkertijd de verlieskansen beperkt houden. Dat klinkt erg aantrekkelijk. Toch zijn de risico’s groot, terwijl de praktijk ingewikkeld en tijdrovend tegelijk is. Als u zich echt aangetrokken voelt tot de optiehandel, kunt u er beter maar meteen uw beroep van maken. Het komt erop neer dat u vrij precies moet kunnen inschatten waardoor aandelenkoersen zich laten leiden. Daarnaast moet u voortdurend het gedrag van andere optiebeleggers in de gaten houden. Kortom, als u overweegt te gaan beleggen, kunt u beter niet met opties beginnen. Misschien moet u het alleen in overweging nemen als u heel veel geld bezit. Wat houdt dat in, de handel in opties? Wie opties bezit, heeft daarmee het recht om aandelen te kopen of juist te verkopen. De kern is dat u met een optie alleen het recht bezit en (nog) niet het aandeel waar het aan is gekoppeld. Dat scheelt een hoop geld. Een optie is namelijk veel goedkoper dan een aandeel, terwijl u er wel de koersstijging of -daling van het aandeel mee kunt verzilveren. Dat betekent dat hier een hoger rendement valt te halen dan bij de handel in aandelen.

Daar staat tegenover dat opties in grote aantallen worden verhandeld. U koopt ze met honderd stuks tegelijk. Met één optie koopt u het recht om honderd aandelen te kopen of te verkopen. De optieprijs moet u dus altijd met honderd vermenigvuldigen.

De opties zelf zijn ook verhandelbaar. Dat gebeurt op de optiebeurs. De handel in opties komt eigenlijk neer op het speculeren op koersschommelingen. Daarnaast zijn opties ook te gebruiken om een aandelenpakket tegen koersdaling te verzekeren. Bij een koersdaling verliest u op uw aandelen. Met put-opties kunt u dat verlies weer compenseren.

De handel in opties heeft soms veel weg van gokken. Als u een zogenoemde call-optie bezit waarvan het onderliggende aandeel flink is gestegen, kunt u ook de optie verkopen. Dan is het u niet om de aandelen zelf maar om koersstijging te doen. De waarde van een optie is gelijk aan het verschil tussen de actuele beurskoers en de uitoefenprijs, minus de premie voor de optie.

Het uitoefenen van een optie kan alleen op de derde vrijdag van de maand. Bij een optie behoudt u drie, zes of negen maanden het recht om te kopen of te verkopen. Na de einddatum verliest de optie elke waarde. Tenzij het een zogenoemde intrinsieke optie is. Het optieerkenningsbureau bepaalt dan de restwaarde. Bij de verkoop van een optie pakt u alleen de koersschommeling. U sluit dan uw positie, zoals dat in beurstermen heet.