Obligaties?


Met een obligatie leent u geld aan een onderneming of aan de overheid. De obligatie is het officiële schuldbewijs dat u van de betreffende organisatie ontvangt. Het is letterlijk een schuldverklaring met verplichte terugbetaling. Obligaties stellen een gemeente of bedrijf in staat een project te financieren als ze dat niet via de beurs kunnen doen. Met het verstrekken van obligaties kunnen ze goedkoper aan kapitaal komen dan wanneer ze geld moeten lenen bij de bank. Bij een obligatie krijgt u een vaste rente en meestal is een maximale looptijd vastgesteld. Een obligatie geldt dan ook als een vastrentende waarde. De rente staat geheel los van de financiële prestaties van de organisatie die de obligatie verstrekt.

Als u de obligatie de volledige looptijd in bezit houdt, is het rendement vergelijkbaar met dat van sparen. Het risico is niet zo groot. Bij staatsobligaties (lening aan de overheid) krijgt u zelfs de garantie dat u inleg en rente altijd terugkrijgt. Het komt ook voor dat na een loting een aantal obligaties wordt afbetaald. Soms aangevuld met een bonusuitkering. Zo kan de lenende organisatie haar schulden vervroegd aflossen.

U kunt uw obligaties ook verhandelen. Er is een bloeiende handel in obligaties. De waarde van obligaties stijgt en daalt en aan die koersverschillen valt goed geld te verdienen of te verliezen. De koersschommelingen worden bepaald door de officiële rentestand. Als de rente stijgt boven het vaste percentage van uw obligatie, daalt de obligatiewaarde. Dan neemt de vraag naar obligaties af. U ontvangt dan minder rente dan de geldende rentestand. Daalt de rente dan is het andersom: de vraag naar obligaties groeit. De koersen van obligaties volgt u in de krant. De obligatiewaarde wordt niet in een geldwaarde uitgedrukt, maar in het percentage van de nominale waarde. Dat is de waarde op het moment van uitgifte van de obligatie. Een obligatie met een nominale waarde van € 1000,- en een koers van 110 is dus € 1100,- waard.